Spring naar inhoud

Solidariteit

Zonder liefde is het niet mogelijk tot werkelijke gerechtigheid in de wereld te komen. Wij streven naar die gerechtigheid door voortdurende verbetering van wetgeving en van de sociale en economische structuren binnen de lokale en mondiale samenleving maar weten ook dat we dit nooit zullen bereiken en dat er dus ook altijd solidariteit nodig is. Ook in de ideale verzorgingsstaat is het particulier initiatief tot solidariteit en barmhartigheid noodzakelijk.

Paus Benedictus XVI

Paus Benedictus XVI schrijft in ‘Caritas in veritate’: “Solidariteit is eerst en vooral een gevoel van verantwoordelijkheid van iedereen ten aanzien van allen en kan daarom niet alleen aan de staat gedelegeerd worden. Terwijl men vroeger van mening kon zijn dat men eerst voor gerechtigheid zou moeten zorgen en dat de onbaatzuchtigheid daarna als toevoegsel erbij zou komen, moet men vandaag de dag vaststellen, dat zonder onbaatzuchtigheid ook de gerechtigheid niet bereikt kan worden.”

Naastenliefde

Het verzachten van het kwaad en het lenigen van nood is een daad van naastenliefde, van solidariteit en barmhartigheid. De liefde voor de naaste brengt ons ertoe dat wij zijn lijden delen. Vanuit dit mededogen komen we tot solidariteit en geven we iets van onszelf aan de ander. Dat kan zijn in de vorm van troost en van aandacht. Wij kunnen ook een deel van onze tijd of welvaart schenken. Solidariteit heeft te maken met de menselijke waardigheid van iedere mens. Allen hebben gelijke rechten ten aanzien van de schepping en haar vruchten.

Paus Franciscus

In ‘Evangelii gaudium’ schrijft paus Franciscus: “Solidariteit is een spontane reactie van hen die zich realiseren dat de sociale functie van eigendom en de universele bestemming van de goederen waarden zijn die het privébezit te boven gaan. Privébezit van goederen wordt gerechtvaardigd om ze te beschermen en te doen groeien, zodat zij het gemeenschappelijk welzijn beter dienen, en daarom moet solidariteit worden beleefd als een beslissing de arme terug te geven wat hem toekomt.”

Bisschop Van Luyn

Door solidariteit te verbinden met spiritualiteit en soberheid maakt bisschop Van Luyn ons duidelijk hoe wij de solidariteit in ons eigen leven gestalte kunnen geven. Wij hebben de spiritualiteit, de gerichtheid op God nodig om in zijn liefde voor ons de bron en de inspiratie te vinden voor onze liefde voor de medemens. De soberheid zorgt ervoor dat wij niet alles voor onszelf willen. Zij houdt ons af van onze zelfgerichtheid en laat ons zo tot spiritualiteit en solidariteit komen. Door niet alles voor ons zelf op te eisen en af te zien van het overbodige, maken wij onszelf vrij voor de verbondenheid met God en met de naaste.

Schitterende bijbelverhalen om voor te lezen

Auteur: Marie-Hélène Delval (tekst) & Ulises Wensell (illustraties)
Titel: Schitterende bijbelverhalen om voor te lezen
Uitgever: Adveniat, 2014
Prijs: € 22,50
ISBN: 978 94 9104 230 0
Aantal pagina’s: 164

Het is een kinderbijbel maar dan zo mooi uitgegeven dat ook volwassenen er van zullen genieten. Een heel mooi voorleesboek met veel grote illustraties. Bij het voorlezen bieden deze een aanknooppunt om nog meer te vertellen dan de meestal korte verhaaltjes doen. Kinderen zullen zelf ook eindeloos naar de platen kunnen kijken en er van alles in ontdekken. Achterin wordt beschreven hoe het boek gebruikt kan worden.

Deze kinderbijbel is niet alleen voor de kleinen. Ook voor de kinderen die zelf kunnen lezen is het een prachtig boek en dus een mooi cadeau voor bijvoorbeeld de eerste heilige Communie. Het bevat de belangrijkste Bijbelverhalen, eenvoudig maar waarheidsgetrouw verteld.

De kinderen maken kennis met de belangrijkste figuren uit het Oude Testament: Adam en Eva, Noach, Abraham, Sara en Isaak, Jacob en Esau, Mozes, David en Goliat, Salomo, Jona, Daniël en Jesaja. De Evangelieverhalen leren hen het verhaal van Jezus. Met een uitgebreid aantal episodes uit zijn leven wordt de boodschap van liefde verteld die Hij ons heeft gebracht.

Elkaar verstaan; Fil 2,1-5; Mt 21,28-32

Vandaag en de komende zondagen horen we Jezus in gesprek met de hogepriesters en de oudsten van het volk. Het gesprek verloopt niet echt in een prettige sfeer. Met gelijkenissen probeert Jezus hen uit te leggen dat het erom gaat de boodschap van God te kennen en daarnaar te leven. De hogepriesters en oudsten hebben – ongetwijfeld met goede bedoelingen – hun eigen interpretatie van Gods geboden gemaakt en leggen die in de vorm van allerlei regels en voorschriften aan het volk op.

Het wezen van God zit niet in regels en voorschriften. het wezen van God is dat Hij liefde is en barmhartigheid. Gods gerechtigheid en rechtvaardigheid maken deel uit van zijn barmhartigheid. Als God aan Mozes uitlegt wie Hij is, zegt Hij dat zijn Naam is: “Ik ben die is”. Dit moeten we niet verstaan als: “Ik besta”, niet zoals veel mensen tegenwoordig zeggen: “Er moet wel iets zijn”. Nee, God zegt hier: Ik ben er voor jullie. God is niet statisch en afstandelijk. Nee, God is dynamisch en betrokken. God is vol liefde en barmhartigheid voor ons mensen.

De gelijkenis die Jezus vertelt over de twee zonen, is voor ons direct duidelijk. In onze cultuur hechten wij meer belang aan het doen dan aan het zeggen: geen woorden maar daden. Toen ik destijds bij Fokker werkte, kwam het regelmatig voor dat de mensen massaal protesteerden tegen een te scherpe planning. Zoveel werk in zo’n korte tijd dat kon onmogelijk. Maar ondertussen ging iedereen wel aan de slag en deed alle het mogelijke om de planning te halen. En achteraf waren we geweldig trots dat het toch gelukt was. Het past wel in onze cultuur: nee zeggen en ja doen.

In vele andere culturen ligt dat heel anders. Daar is nee zeggen iets wat je niet doet. Nee zeggen is een ernstige belediging. Nee zeggen tegen je vader is helemaal uit den boze. Het is een daad die ingaat tegen het respect en de liefde voor je vader. Dit is waarschijnlijk ook zo in de cultuur waarbinnen Jezus dit verhaal vertelt. Dat maakt de tegenstelling aanzienlijk scherper dan de manier waarop wij het vanuit onze cultuur verstaan. Zo worden we met deze gelijkenis er indirect op gewezen dat we oog moeten hebben voor cultuurverschillen. We moeten er rekening mee houden dat niet iedereen op dezelfde wijze denkt als wijzelf doen. Mannen denken anders dan vrouwen, jongeren anders dan ouderen, stadsmensen anders dan mensen van het platteland, migranten anders dan mensen die hier al generaties lang wonen, protestanten anders dan katholieken, joden, moslims en hindoes anders dan christenen, ongelovigen anders dan gelovigen.

Meer en meer hebben wij te maken met dergelijke verschillen. Soms is dat dicht bij huis. Zo is er ongetwijfeld verschil tussen de hen die hier al generaties lang wonen en de nieuwkomers van allerlei aard. Toch is het onze opdracht om één gemeenschap te vormen: de gemeenschap van Jezus Christus. De Kerk benadrukt telkens weer de waarde van de gemeenschap. Zelf is zij de gemeenschap in en rond Christus. Geloven en liefhebben doe je niet alleen, daarvoor heb je elkaar nodig. Dat geldt ook voor ons als parochiegemeenschap. Wij hebben elkaar nodig om ons geloof met elkaar te delen en het zo te laten groeien, en het vrucht te laten dragen door alle mensen lief te hebben. We zijn binnen een gemeenschap allemaal verschillend en juist dat maakt ons tot een gemeenschap. Door de verschillen versterken we elkaar, vullen we elkaar aan en vormen we een geheel dat groter is dan de som van de delen.

Paulus wijst met zijn brief aan de Filippenzen op het belang van de gemeenschap. Hij pleit voor eenheid, voor saamhorigheid en voor eensgezindheid. Dat vraagt dat we ons eigenbelang ondergeschikt maken aan de ander, dat we niet ijdel zijn maar ootmoedig. Het is een vorm van ijdelheid onze eigen cultuur beter te achten dan andere. Culturen verschillen van elkaar, maar dat maakt de ene cultuur niet beter dan de andere. Nederlanders zijn geen betere mensen dan andere volken. Natuurlijk voelen wij ons in onze eigen cultuur ons het meest op ons gemak. We weten wat we aan elkaar hebben. Dat is bij mensen uit andere culturen moeilijker, maar dat geldt omgekeerd precies zo. Wat voor ons normaal is, hoeft dat voor een ander helemaal niet te zijn. We verschillen van elkaar zonder dat de een beter is dan de ander. Met die verschillen hebben we elkaar wat te bieden. We vullen elkaar aan. De verscheidenheid is een rijkdom. Het gaat er niet om dat we allemaal gelijk aan elkaar worden, maar dat we een eenheid in verscheidenheid vormen.

Dat is de eenheid en de gemeenschap van Jezus Christus. In zijn Kerk is er ruimte voor iedereen. Allen zijn we kinderen van God en in Christus zijn wij elkaars broers en zusters. Dat maakt ons tot een gemeenschap van liefde en van vreugde. Dat stelt ons in staat elkaar lief te hebben en er voor elkaar te zijn. Amen.

Onbegrijpelijk! Mt 20,1-16a

Onbegrijpelijk! Als je denkt zo je bedrijf te kunnen runnen, ben je snel failliet. De arbeidskosten lopen gierend uit de hand. En bovendien raakt het personeel ook nog gedemotiveerd en gaan ze er de kantjes vanaf lopen. Jezus kan het mooi vertellen, maar van bedrijfseconomie heeft Hij toch niet zo veel begrepen.

Wat heeft Jezus ons met dit onbegrijpelijke verhaal te zeggen? Er zijn verschillende verklaringen voor te vinden, maar laten we binnen het sociaaleconomische gebied blijven. Eén denarie was in die tijd een fatsoenlijk dagloon: een gezin kon daar een dag van leven. Door iedereen die ene denarie te betalen hoeft er niemand honger te lijden. De Kerk heeft de boodschap hiervan vertaalt in haar sociale leer. De Kerk leert dat iedereen met het loon voor zijn arbeid in staat moet zijn om een gezin te onderhouden. De prijs die voor arbeid betaald wordt, is niet alleen een economisch gegeven, niet alleen afhankelijk van de marktwerking. De arbeidskosten kennen ook een ethische kant. In ons land vinden we dat terug in het minimumloon. Uitbuiting van mensen wordt hier door Jezus afgewezen. En dat geldt ook voor de verhouding tussen verschillende landen. Ook voor de producten die we invoeren uit andere landen, moet een fatsoenlijke prijs betaald worden. Met alleen een vrije markt komen we er niet. Er zijn altijd aanvullende maatregelen nodig. Dat zien we ook in onze eigen directe omgeving zoals in de tuinbouw als de markt plotseling verandert.

We staan aan het begin van de vredesweek: een week waarin we extra stilstaan bij oorlog en vrede in de wereld. De afgelopen maanden zijn we vaak geconfronteerd met oorlog en geweld. Soms waren dat onbegrijpelijke en onvoorstelbare vormen van geweld. Wat drijft mensen toch? Waarom zijn zij zo gewelddadig? Iedereen wil toch graag in vrede leven. Het is onbegrijpelijk wat mensen elkaar kunnen aandoen. Dat geldt niet alleen voor oorlogssituaties maar ook in het gewone dagelijkse leven. Zelfs binnen gezinnen vinden we onbegrijpelijke vormen van geweld. Hoe komt toch al dat kwaad in de wereld en waarom laat God dat allemaal gebeuren?

God is groot en goed. God is liefde en Hij is almachtig. God heeft de wereld als goed geschapen en toch is er het kwaad. De oorzaak van het kwaad is en blijft voor ons mensen een mysterie. We kunnen er over nadenken, maar we komen er nooit echt uit. Wat ons houvast geeft en waardoor we blijven hopen is de barmhartigheid van God. God heeft ons als vrije mensen geschapen. Zo zijn wij in staat om voor het goede en voor de liefde te kiezen. Liefde zonder er in vrijheid voor te kiezen is geen liefde. God wil dat wij Hem en dat wij elkaar in vrijheid liefhebben. En dat wij uit liefde voor elkaar het goede doen. En dat wij zo goede en gelukkige mensen zijn. God heeft ons niet gewild als programmeerbare robots. Nee, Hij wil dat wij in vrijheid voor het goede en voor de liefde kiezen.

God heeft ons zelf de verantwoordelijkheid gegeven te kiezen tussen goed en kwaad. En dat is iets waar we dagelijks mee te maken hebben. Wij zijn in staat de ander lief te hebben en we hebben dat nodig om ook zelf gelukkig te worden. Maar onze blik wordt telkens weer verduisterd door onze zelfgerichtheid. Zelfgerichtheid is op zich niet verkeerd. Zij is zelfs nodig om te kunnen leven. Als wij geen aandacht aan ons zelf besteden, als wij onszelf verwaarlozen, loopt het niet goed met ons af. Maar we kunnen teveel aandacht voor onszelf hebben en dan ligt het kwaad op de loer. Het kwaad doet zich bijvoorbeeld voor als jaloezie, als egoïsme of als zelfgenoegzaamheid.

Op een of andere manier moeten omgaan met het kwaad: het kwaad in onszelf en kwaad dat van buiten op ons afkomt. Dat vraagt dat we erin blijven geloven dat het anders kan, dat we het aan durven te vertrouwen op het goede, dat we durven te dromen en te werken aan onze idealen. Zodra we cynisch worden is de strijd verloren. Dan aanvaarden we het kwaad, keren ons af van de wereld en kiezen alleen nog maar voor datgene dat onszelf kortstondig plezier brengt. Alleen door te geloven in een betere wereld en te vertrouwen op God zijn we in staat om te gaan met het kwaad en het te bestrijden. We kunnen het kwaad niet uit de wereld verwijderen, maar wel kunnen we de gevolgen ervan minimaliseren en verlichten. Zo kunnen we werken aan gerechtigheid en vrede in de wereld. Uit het Evangelie leren we dat gerechtigheid verder gaat dan wat de vrije markt oplevert. Gerechtigheid voorkomt misstanden die een bron van oorlog kunnen zijn.

Door te dromen van het goede en er ook concreet aan te werken, beschermen we ons ook tegen het kwaad in onszelf. Als we het goede doen en leven vanuit de liefde, is er geen plaats voor het kwaad. Het is niet nodig alles te begrijpen om toch goed en gelukkig te zijn en te werken aan een wereld van vrede en gerechtigheid. Amen.

Consumptie

Veel aandacht wordt er besteed aan de gevolgen van consumptie voor de consument. Voeden wij ons wel op een gezonde wijze: worden we niet te dik, worden we er op den duur niet ziek van? De bescherming van de consument krijgt terecht veel aandacht. Wordt hij goed voorgelicht over wat hij koopt en betaalt hij niet teveel? De sociale leer van de Kerk heeft meer aandacht voor de gevolgen van consumptie voor anderen dan de consument. Iets kopen is niet alleen een economische, maar ook altijd een morele handeling. Consumenten hebben ook een sociale verantwoordelijkheid.

Producent

Betalen we een eerlijke prijs? Inderdaad teveel betalen is niet prettig, maar ontvangt de producent een eerlijke prijs voor zijn inspanning? Verdient hij voldoende om van te leven en zijn gezin te onderhouden? Ook dat zijn overwegingen die aan de orde zijn als we spreken over een eerlijke prijs. Als consument sta je aan het einde van een productieketen. Hoe ziet die keten eruit? Gebeuren daarin zaken die verwerpelijk zijn of worden er verwerpelijke structuren door in stand gehouden, zoals kinderarbeid of dictatuur?

Milieu

Een andere zorg is het milieu. Gebruiken of verbruiken wij met onze consumptie de Schepping? De aarde is in staat om iedereen te voeden, maar delfstoffen zijn slechts in beperkte mate aanwezig. Als er geen recycling plaatsvindt, is er sprake van verbruik. Vele afvalstoffen vervuilen het milieu en veroorzaken ongewenste klimaatveranderingen. Lang niet alle consequenties zijn aan de consument bekend en vele zaken zijn tamelijk ingewikkeld, maar gelukkig zijn er allerlei keurmerken ontwikkeld. Als consument kunnen we meer doen dan we vaak denken. Dat geldt zowel het milieu als de productieketen. Voor producenten biedt het principe van ‘cradle to cradle’ (wieg tot wieg) mogelijkheden om hun verantwoordelijkheid te nemen voor de gehele levensduur van een product: van productie tot en met recycling.

Economie van delen

Een recente ontwikkeling is de ‘economie van delen’: je hoeft niet perse dingen in je bezit te hebben om ze te kunnen gebruiken. Hoeveel apparaten hebben we niet in huis die we maar zo nu en dan gebruiken? De opkomst van internet biedt hier geheel nieuwe mogelijkheden. Het stelt mensen in staat producten onderling te delen, te ruilen of te huren zonder alles zelf in bezit te moeten hebben. In de lease-economie least de consument het product van de producent. Doordat de producent eigenaar blijft, zal hij het artikel zo ontwerpen dat het ook recyclebaar is. Ons geluk moeten we niet zoeken in het bezitten van aardse goederen, ons geluk ligt naast in het immateriële ook in het genieten van de Schepping, van haar vruchten en van alle het goede dat door mensenhanden wordt voortgebracht. Voor economen ligt er de uitdaging een economie te ontwerpen waarin groei niet noodzakelijk is.

Jezuïeten grappen

Auteur: Nikolaas Sintobin
Titel: Jezuïeten grappen: Humor en spiritualiteit
Uitgever: Averbode, 2013
Prijs: € 16,00
ISBN: 978 90 317 3753 6
Aantal pagina’s: 96

Een grap en een serieus verhaal over de spiritualiteit van de jezuïeten. Met twintig grappen en toelichtingen schrijft Nikolaas Sintobin over de orde waarvan hij zelf lid is. Hij laat zien dat je goed kunnen lachen met zaken die belangrijk zijn. “Echte humor raakt vaak op subtiele wijze de kern van het mysterie van hoe mensen leven en werken.”

Jezuïeten zijn op vele gebieden in de samenleving actief. “Hun klooster is de straat.” Zij proberen “gevoelig te worden voor Gods aanwezigheid in alle dingen.” In Nederland zijn zij bekend uit het onderwijs. Zij moedigen jongeren aan hun eigen groeiweg in het leven te ontdekken. Altijd gaat het om “de aandacht en de zorg voor de concrete mens.” “Je kunt de ander pas bereiken als je bereid bent om eerst binnen te treden in zijn eigen leefwereld, taal en cultuur.”

Sintobin geeft op luchtige en heldere wijze een goed inzicht in het doen en denken van de jezuïeten. Het boekje helpt ook paus Franciscus die jezuïet is, te begrijpen. Een prima boek voor de vakantie. Op een verloren moment lees je even een hoofdstuk. Daarna heb je in ieder geval een goede grap te vertellen.

Samen dansen in de kerk

Auteur: Almatine Leene
Titel: Samen dansen in de kerk: Als mannen en vrouwen op God lijken
Uitgever: Buiten & Schipperheijn, 2013
Prijs: € 12,50
ISBN: 978 90 5881 742 6
Aantal pagina’s: 120

God is één en tegelijk drie. God kent relaties, want God is liefde. “Het samenwerken tussen de drie Personen kun je ook zien als een dans. Al verschillen de stapjes soms, geen van hen onttrekt zich ooit aan deze perfecte liefdesdans.” Almatine Leene vertelt op prachtige wijze over het verstaan van de goddelijke Drie-eenheid. “Alle drie de Personen dienen elkaar, zijn even belangrijk en hebben gelijke macht.”

Ons beeld van God is van grote invloed op hoe wij mensen zien. God schiep de mens naar zijn beeld: man en vrouw schiep Hij hen. Man en vrouw samen zijn een beeld van God. De verhoudingen tussen man en vrouw zijn daarom even gelijkwaardig als de relaties tussen de drie goddelijke Personen. De protestantse theoloog Leene vertaalt dit naar de posities van man en vrouw in de Kerk.

Leene schrijft met geloof en kennis. Veel Bijbelteksten weet zij in een nieuw licht te plaatsen en los te maken van de eeuwenlange mannelijke uitleg. Zij schrijft op eenvoudige wijze en met mooie en beeldende taal over eenheid en verscheidenheid, over gelijkwaardigheid en dienstbaarheid.

Maakt alle volkeren tot mijn leerlingen: Hnd 2,1-13

Bij zijn afscheid geeft Jezus ons de opdracht: “Gaat dus en maakt alle volkeren tot mijn leerlingen.” Jezus weet dat wij het niet op eigen kracht kunnen. Wij hebben hulp nodig. Daarom stuurt Hij ons een Helper: de heilige Geest, de Geest van liefde en waarheid. Wat de heilige Geest met ons doet, horen wij in de lezing van vandaag. Nadat de volgelingen van Jezus vervuld zijn van de heilige Geest, gaan zij naar buiten en getuigen van hun geloof. Zij hebben hun angst en schroom overwonnen en spreken vrijmoedig over alles wat ze aan Jezus hebben ervaren. Zij verkondigen zijn Blijde Boodschap, de boodschap van Gods liefde voor allen.

In Jezus Christus heeft God zich geopenbaard. De liefde van God is in Hem voor altijd zichtbaar geworden. Jezus houdt ons niet een systeem van regels en geboden voor. Hij laat ons zien hoe je goed kunt leven, hoe je kunt geloven, hoe je kunt liefhebben, hoe je de waarheid op het spoor kunt komen.Jezus zegt ons: ‘Ik ben de Weg, de Waarheid en het Leven.’ Hij zegt daarmee: Kijk naar Mij, hoe Ik op de Vader vertrouw. Kijk hoe de Vader van Mij houdt en Ik van Hem. Kijk hoe Ik die liefde deel met alle mensen. Doe net als Ik doe: leef met liefde en vertrouwen.

Liefde en geloof, respect en vertrouwen staan aan de basis van ons menselijk bestaan, aan de basis van onze gezinnen en van onze vriendschappen, aan de basis van onze arbeid en van onze ontspanning. Geheel onze maatschappij is gebouwd op liefde en vertrouwen. Liefde en geloof zijn de sleutelwoorden in onze menselijke relaties. Als wij elkaar niet waarderen en niet vertrouwen kunnen we niet met elkaar samenleven. Zonder liefde en geloof wordt onze samenleving een politiestaat. Alles moet gecontroleerd worden, want niemand is te vertrouwen. Alles moet verplicht worden, want niemand doet iets uit liefde. Zo leveren wij als christenen ook een belangrijke bijdrage aan de maatschappij. Wij blijven vertrouwen op het goede dat God door de heilige Geest in ons tot stand brengt. De heilige Geest doet ons liefhebben en geloven, Hij verlicht ons hoofd en ons hart, Hij doet ons leven in liefde en geloof. Hij laat ons delen met alle mensen. Het geloof en de liefde zijn er niet alleen voor onszelf. Liefde en geloof zijn er ten behoeve van de gemeenschap, zij zijn er ten behoeve van heel de mensheid.

Afgelopen november verscheen een brief van paus Franciscus: ‘Evangelli gaudium’ ofwel ‘De vreugde van het Evangelie’. In deze brief roept hij alle christenen op de opdracht van Jezus gestalte te geven in hun leven. De paus zegt ons: ga zonder schroom en angst op weg en verkondig geestdriftig het Evangelie. Ieder doet dit op zijn eigen manier en in zijn eigen omgeving. Het gaat om het hart van het Evangelie, het essentiële, het mooiste, het grootste, het meest aansprekende en tegelijk het meest noodzakelijke. De boodschap moet eenvoudig zijn zonder iets aan diepte en waarheid te verliezen. Zo wordt zij alleen maar krachtiger en overtuigender. Verkondig met vreugde en vertrouwen. Laat zien dat de liefde van God en de vreugde van het Evangelie in je leeft. Laat zien dat je je verbonden weet met Jezus Christus. Wie kan er zwijgen over zijn of haar geliefde?

Vandaag staan wij hier in het centrum van Bleiswijk. Wij zijn er van overtuigd dat het geloof heel het leven betreft. Geloven is er niet voor achter de voordeur. Het navolgen van Christus beheerst ons hele leven. Wij zijn vervuld van de gaven van de heilige Geest: wijsheid, verstand, inzicht, sterkte, kennis, liefde en ontzag voor God. Het zijn deze zeven gaven die ons brengen tot een waarachtig en authentiek leven in navolging van Christus, tot een leven in liefde en waarheid, een leven dat voor iedereen mogelijk is.

De navolging van Christus, het leven in liefde en waarheid maakt van ons gelukkige mensen. Zo leeft de vreugde van het Evangelie in ieder van ons. Het is deze vreugde, dit geluk dat wij met iedereen willen delen. Amen.

Moeder in liefde en geloof; Lc 1,39-56

In het scheppingsverhaal lezen we dat God sprak: “Het is niet goed dat de mens alleen blijft.” Mensen kunnen niet zonder elkaar, ze hebben elkaar nodig. Mensen zijn relationele wezens: ze gaan relaties met elkaar aan. Er zijn vele soorten relaties tussen mensen. Mensen worden geboren, hebben een vader en een moeder, ze hebben broers en zusters, opa’s en oma’s en nog meer familieleden. Mannen en vrouwen trouwen met elkaar. En op hun beurt worden zij vader en moeder en later opa en oma. Daarnaast zijn er buren, collega’s, vrienden en vele andere sociale relaties.

Relaties: daar gaat het vandaag over. Mensen ontmoeten elkaar, wij waarderen elkaar en weten ons met elkaar verbonden. Uit verbondenheid met elkaar nemen wij verantwoordelijkheid voor elkaar. Dit is wat we vandaag in het Evangelie lezen: Maria reist met spoed naar Elisabet, omdat ze van de engel Gabriël heeft gehoord dat haar nicht zwanger is en dus wel wat hulp kan gebruiken.

Daarvoor zongen we: “Mag ik dan bij jou”. Al onze vreugde en al ons verdriet willen wij kunnen delen. We hebben de ander nodig om van te houden en we hebben iemand nodig die onvoorwaardelijk van ons houdt. Hoe sterk is dat niet tussen een moeder en een kind. Een intiemer relatie is niet denkbaar. Een kind dat je negen maanden onder je hart draagt, een kind dat deel is van jezelf. Het is een grote daad van liefde om dat vervolgens los te laten en het kind zichzelf te laten zijn en een eigen leven te laten leiden.

We begonnen vandaag met: “Ik zal er zijn”. Nog sterker dan de liefde van welke mens dan ook, sterker dan de liefde van je moeder, sterker dan de liefde van je partner, is de liefde van God voor ons. Hij is er altijd, ook als we door iedereen zijn verlaten en ook als we te midden van vele mensen alleen zijn, ons onbegrepen voelen en een fundamentele eenzaamheid ervaren. Hij is er in het uur van onze dood.

Maria was een mens zoals wij. Al onze menselijke ervaringen en gevoelens deelt zij met ons. Zij is een dochter van Joachim en Anna. Zij is de partner van Jozef. Zij is de moeder van Jezus. Zij is de nicht van Elisabet. Zij is de tante van Johannes de Doper. Maar ook is zij de dienstmaagd des Heren. Elisabet noemt haar de gezegende onder de vrouwen, want zij is de moeder van de Heer. Elisabet maakt ons duidelijk dat alles wat wij ontvangen, dat al onze menselijke relaties een geschenk, een zegen zijn. Wij leven van de genade die God ons geeft.

Maria is door God uitverkoren: God zag welwillend neer op de kleinheid zijner dienstmaagd. Hij die machtig is, deed aan haar zijn wonderwerken. De genade die Maria ontvangt, zet haar in beweging. Zij gaat met spoed naar het bergland, naar een stad in Juda. Daar woont Elisabet die al zes maanden zwanger is. Maria heeft dan nog een hele weg te gaan. De gezegende vrucht van haar schoot zal ze ter wereld brengen. Ze zal het Kind voeden en opvoeden. Ze zal Hem ook moeten loslaten, dan kan ze Hem alleen nog maar liefhebben. Ze zal Hem zien opgroeien tot een man met een missie, een man met een geheel eigen opdracht, een man die zijn eigen weg gaat. Hij zal uitgroeien tot de hoogste dienaar van God en van alle mensen.

Zo is Maria voor ons een voorbeeld van liefde en geloof. De liefde van God beantwoordt zij met haar dienstbaarheid en haar hele vertrouwen stelt zij op God. Hoe onzeker haar toekomst ook is, zij vertrouwt erop dat het goed komt. Hoe onbegrijpelijk haar Zoon Jezus ook is, zij geeft Hem haar vertrouwen, zij steunt Hem, zij volgt Hem, zij gelooft in Hem en zij houdt van Hem. In Jezus ziet zij waar worden wat God heeft beloofd: “Barmhartig is Hij van geslacht tot geslacht… Hij verheft de geringen. Die hongeren overlaadt Hij met gaven…” Maria weet waar liefde en geloof ons brengen.

Liefde en geloof zijn ook de sleutelwoorden in onze menselijke relaties. Als wij elkaar niet waarderen en niet vertrouwen kunnen we niet met elkaar samenleven. Zonder liefde en geloof wordt onze samenleving een politiestaat. Alles moet gecontroleerd worden, want niemand is te vertrouwen. Alles moet verplicht worden, want niemand doet iets uit liefde. Liefde en geloof, respect en vertrouwen staan aan de basis van onze gezinnen en van onze vriendschappen, aan de basis van onze arbeid en van onze ontspanning. Geheel onze maatschappij is gebouwd op liefde en geloof.

Maria geeft ons het voorbeeld. Net zoals zij deed, mogen wij haar Zoon Jezus navolgen en Hem liefhebben. Maria is ook onze voorspraak. Zij is ons gegeven als ons aller moeder in liefde en geloof. Amen.

In liefde en waarheid getuigen; Hnd 1,1-11; Ef 1,17-23; Mt 28,16-20

Bij zijn afscheid geeft Jezus ons de opdracht: “Gaat dus en maakt alle volkeren tot mijn leerlingen.” Afgelopen november verscheen een brief van paus Franciscus: de exhortatie ‘De vreugde van het Evangelie’. In deze brief roept hij ons allen op deze opdracht van Jezus aan ons gestalte te geven in ons leven.

Franciscus opent zijn brief met: “De vreugde van het Evangelie vult de harten en levens van allen die Jezus ontmoeten.” Het woord vreugde keert steeds weer terug. Het is een sleutelwoord in deze brief aan alle katholieken. “Niemand moet denken dat deze uitnodiging niet voor hem of haar bedoeld is, want niemand wordt uitgesloten van de vreugde die door de Heer wordt gebracht.” Het doel van zijn brief geeft de paus met: “In deze exhortatie wil ik de christenen aanmoedigen deel te nemen aan een nieuw hoofdstuk van evangelisatie dat gekenmerkt wordt door deze vreugde…”

De paus zegt ons: ga zonder schroom en angst op weg en verkondig geestdriftig het Evangelie. Ieder doet dit op zijn eigen manier en in zijn eigen omgeving. Het gaat om het hart van het Evangelie, het essentiële, het mooiste, het grootste, het meest aansprekende en tegelijk het meest noodzakelijke. De boodschap moet eenvoudig zijn zonder iets aan diepte en waarheid te verliezen. Zo wordt zij alleen maar krachtiger en overtuigender. Verkondig met vreugde en vertrouwen. Laat zien dat de liefde van God en de vreugde van het Evangelie in je leeft. Laat zien dat je je verbonden weet met Jezus Christus. Wie kan er zwijgen over zijn of haar geliefde? De paus maakt concreet hoe wij de opdracht van Jezus in ons eigen leven gestalte kunnen geven.

Er wordt niet meer van ons gevraagd dan we aan kunnen. En wij mogen hierbij rekenen op de steun van de heilige Geest. Deze belofte geeft Jezus ons: “Gij zult kracht ontvangen van de heilige Geest die over u komt, om mijn getuigen te zijn in Jeruzalem, in geheel Judea en Samaria en tot het einde der aarde.” Jezus weet dat wij het niet op eigen kracht kunnen en ook dat wij ons steeds weer onze eigen voorstellingen maken. Wij zijn als de leerlingen: “Heer, gaat Gij in deze tijd voor Israël het koninkrijk herstellen?” De leerlingen denken nog steeds in aardse en menselijke begrippen. En ook wij doen dat als ons hart en hoofd niet wordt verlicht door de heilige Geest, de Geest van liefde en waarheid.

Paulus wenst ons toe: “Moge Hij uw innerlijk oog verlichten om te zien, hoe groot de hoop is waartoe Hij u roept, hoe rijk de heerlijkheid van zijn erfdeel te midden der heiligen en hoe groot zijn macht is in ons die geloven.” Het is de heilige Geest die ons doet leven in liefde en waarheid. Hij maakt ons tot waarachtige navolgers van Jezus Christus. Het is de heilige Geest die ons laat zien hoe alles doordrenkt is van Christus, of zoals Paulus schrijft: “de volheid van Hem die het al in alles vervult.”

Ook wij mogen ons door de heilige Geest laten vervullen van de volheid van Jezus Christus, van zijn koningschap. Wij mogen delen in zijn vreugde, de vreugde van het Evangelie. Als koningen mogen ook wij onze naaste dienen en Evangelie in liefde en waarheid verkondigen. Amen.