Spring naar inhoud

Digitale revolutie: encycliek Magnifica humanitas

3 juni 2026

In de negentiende eeuw voltrok zich de industriële revolutie. Nu hebben we te maken met de digitale revolutie. 135 jaar nadat paus Leo XIII met de encycliek ‘Rerum novarum’ (Nieuwe zaken) een antwoord gaf op de ontwikkelingen in zijn tijd, schrijft paus Leo XIV in de encycliek ‘Magnifica humanitas’ (Magnifieke menselijkheid) over de digitale revolutie en de gevolgen daarvan. “In de afgelopen jaren is het volstrekt duidelijk geworden hoe snel en indringend digitalisering, kunstmatige intelligentie (AI) en robotica onze wereld veranderen.” (MH 4) Daarnaast is er de cognitiewetenschap, nanotechnologie en biotechnologie. Beide pausen komen op voor de menselijke waardigheid die door de maatschappelijke ontwikkelingen in de verdrukking raakt. Paus Leo XIV schrijft: “De verspreiding van wereldwijde netwerken, platformen en kunstmatige intelligentie verandert de wijze waarop we ons informeren, communiceren en toegang tot diensten verkrijgen. Gerechtigheid vereist dat we nieuwe vormen van uitsluiting en vrijheidsberoving voorkomen: individuen en volkeren voor wie de toegang tot basistechnologieën bemoeilijkt of verhinderd wordt, gemeenschappen die met indringend toezicht te maken hebben en sociale groeperingen die benadeeld worden door ondoorzichtige algoritmes die vooroordelen en discriminatie laten voortduren.” (MH 80)

De digitale revolutie doet zich op veel gebieden gelden: werk, scholing, overheid, gezondheidzorg, economie, nieuwsvoorziening, samenleving, privéleven. Overal loert het gevaar dat de mens wordt gereduceerd tot data, een radertje in de machine of tot koopwaar. In principe is technologie neutraal, “maar in de praktijk is technologie nooit neutraal, omdat ze de karaktertrekken aanneemt van hen die haar ontwerpen, financieren, reguleren en gebruiken. De fundamentele keuze is daarom niet ‘wel’ of ‘geen’ technologie, maar (…) tussen een macht die zich aanmatigt de hemel te beheersen en een volk dat in Gods aanwezigheid samenwerkt om te bouwen aan een broederlijke samenleving.” (MH 9) Elke nieuwe ontwikkeling moet beoordeeld worden op de wijze waarop zij bijdraagt aan de menselijke waardigheid en het algemeen welzijn of daar juist afbreuk aan doet. “Onze eerste opdracht is niet het demoniseren of verheerlijken van technologie, maar haar te gebruiken op basis van het principe dat waarheid een gemeenschappelijk goed is en niet het eigendom van hen die macht en invloed hebben.” (MH 137) “Dit vraagt dat deze ontwikkelingen met vooruitziende blik worden gestuurd: door instituties die kunnen reguleren zonder te verstikken en te beschermen zonder de verantwoordelijkheid over te nemen; door ondernemingen die werk en waardigheid als criteria voor succes zien; door maatschappelijke organisaties en opleidingsinstituten die vertrouwen en relaties herstellen; en door burgers die verantwoordelijkheid, bedachtzaamheid, onderscheidingsvermogen en waarheidsgetrouwheid cultiveren.” (MH 181)

De paus roept ons op tot reflectie: “In Christus zijn wij geroepen samen aan de schepping te werken, in plaats van ongeïnteresseerde toeschouwers van de technologische ontwikkelingen die onze vrijheid en verantwoordelijkheid beperken, te zijn. De waardigheid die de heilige Geest ieder van ons geeft, uit zich in ons vermogen kritisch te reflecteren, keuzes te maken, lief te hebben en relaties aan te gaan. Geen computersysteem, hoe krachtig ook, schept een hart dat zichzelf geeft, of een geweten dat goed van kwaad onderscheidt.” (MH 233)

Ook gepubliceerd als weekbrief op https://hhpp-oost.nl/2026/06/03/weekbrief-regio-oost-3-juni/

Geef een reactie

Plaats een reactie