Spring naar inhoud

Een rivier van vrede

7 juli 2019

Jezus zendt tweeënzeventig leerlingen eropuit om te doen waar Hij zelf niet aan toe komt. “De oogst is groot maar arbeiders zijn er weinig.” Velen van ons hebben de tijd meegemaakt waarin we bij deze tekst dachten aan de missionarissen die uit onze eigen parochies naar verre streken waren vertrokken om daar het geloof te verkondigen. Wat dat betreft zijn de tijden duidelijk veranderd. Nu komen er priesters uit het buitenland om hier in ons land missionair te zijn. Dit is niet een ontwikkeling van de laatste jaren. In 1932 – toen de meesten van ons nog niet geboren waren – sprak pater Titus Brandsma de volgende woorden: “Onder de vele vragen welke ik mijzelf stel, houdt geen mij meer bezig dan het raadsel, dat de zich ontwikkelende mens – prat en fier op zijn vooruitgang – zich in zo groten getale afkeert van God.”

Als wij vandaag de woorden van het Evangelie horen, denken we niet als eerste aan onze missionarissen. We denken al gauw aan onszelf. Wat heeft Jezus ons hiermee in deze tijd te zeggen? Stuurt Hij ook ons eropuit? En wat wordt er dan van ons verwacht?

De ontwikkeling die Titus Brandsma negentig jaar geleden waarnam, werd ook waargenomen door de deelnemers aan het Tweede Vaticaans Concilie. Dat was vijftig jaar geleden. Sindsdien is die ontwikkeling hier in West-Europa steeds sterker geworden. In het eerste jaar van zijn pontificaat schreef paus Franciscus hierover. Deze brief – Evangelii gaudium – opent als volgt: “De vreugde van het Evangelie vult de harten en levens van allen die Jezus ontmoeten.” De paus wil “de christenen aanmoedigen deel te nemen aan een nieuw hoofdstuk van evangelisatie dat gekenmerkt wordt door deze vreugde…” Het woord vreugde keert steeds weer terug; het is een sleutelwoord in deze brief aan alle katholieken. “Niemand moet denken dat deze uitnodiging niet voor hem of haar bedoeld is, want niemand wordt uitgesloten van de vreugde die door de Heer wordt gebracht.”

Voor de paus is het volstrekt duidelijk dat Jezus ieder van ons eropuit stuurt, ieder in zijn eigen situatie en ieder op zijn eigen wijze. Vlak voor zijn Hemelvaart geeft Jezus de leerlingen de opdracht om alle volkeren tot zijn leerlingen te maken. De voornaamste taak van een leerling van Jezus is om anderen ook leerling te laten worden.

Iedereen mag en moet weten dat de Heer ons vrede brengt en dat het Rijk Gods nabij is. Dat maakt ons allen tot vredebrengers en tot verkondigers van het Rijk Gods. Als een rivier leidt de Heer de vrede naar ons toe. En allen worden getroost zoals een moeder haar kind troost. Een rivier van vrede. Een rivier die vrede is en die vrede brengt. Het is als de rivieren die wij kennen: ze zijn water en ze brengen water. Zo mogen ook wij vrede zijn en vrede brengen. Wij mogen liefde zijn en liefde brengen. Wij mogen aan de borst liggen en wij mogen de borst geven. Wij mogen vreugde zijn en vreugde brengen. Wij mogen het Rijk Gods verkondigen en het in onszelf zichtbaar maken. Dat is de essentie van het leerling van Jezus zijn. Je bent boodschap en boodschapper tegelijkertijd. Dat vraagt van ons dat we ons bewust zijn van onze rol in de samenleving.

Titus Brandsma sprak destijds over de verduistering van het Godsbeeld en zocht naar de oorzaak van die verduistering. Zijn conclusie was niet, dat de verduistering van het Godsbeeld het gevolg is van de vooruitgang, het gevolg is van de wetenschap of van de toenemende welvaart. Hij zocht de oorzaak niet bij de ongelovigen. Hij zocht de oorzaak vooral bij de gelovigen! De vraag is niet van mankeert er aan de anderen, maar waar gaat het bij ons verkeerd. Is het aan ons wel te zien dat wij christen zijn? Is het wel zichtbaar dat wij leerlingen van Jezus zijn? Maken wij Hem wel zichtbaar of verstoppen wij Hem?

Bij paus Franciscus is vreugde het sleutelwoord. Dat evangelisatie een vreugde is, geeft de paus aan met: “Een evangelist moet er nooit uitzien alsof hij net van een begrafenis is teruggekeerd!” Wij verkondigen de vreugde van het Evangelie vooral door zelf vol van vreugde te zijn. We brengen vrede door zelf een rivier van vrede te zijn.

Is daar veel voor nodig? Eigenlijk niet: geen beurs, geen reiszak, geen schoeisel. Zelfs simpele plichtplegingen als iemand groeten is overbodig want dat kan ertoe leiden dat je van je doel afdwaalt. Het gaat erom vrede te brengen door vrede te zijn, om vreugde te brengen door vreugde te zijn, om liefde te brengen door liefde te zijn. Je wordt arbeider doordat je zelf ook oogst bent. Amen.

From → Preken

One Comment
  1. Ja het is inderdaad spijtig genoeg zo dat Het Geloof sterk achteruitgaat.
    Kerken lopen leeg en de houding van de huidige moderne mens begint steeds meer en meer te lijken op Sodoma en Gomora.
    Groetjes
    Theo

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s