Spring naar inhoud

Wijnstok als gemeenschap; Hnd 9,26-31; 1 Joh 3,18-24; Joh 15,1-8

3 mei 2015

Jezus roept ons op om gemeenschap te vormen: een gemeenschap in, met en door Christus. Hij is de ware wijnstok. Wij zijn de ranken. Zonder Hem kunnen wij niets.

In het verleden was er weinig aandacht voor de Kerk als gemeenschap. In de catechismus die ik in de jaren vijftig uit mijn hoofd leerde, komt het woord gemeenschap maar twee keer voor. Het belangrijkste was dat je als mens goed leefde. Het is zoals mijn moeder kon zeggen: Als je vriendje in de sloot springt, hoef jij dat nog niet te doen. Let niet op wat anderen doen, maar ga zelf de juiste weg. Vijftig jaar geleden kwam daar verandering in. Het Tweede Vaticaans Concilie legt veel nadruk op gemeenschap, communio. De mens is een sociaal wezen: zonder band met anderen kan hij niet leven en zijn talenten niet ontplooien. In het scheppingsverhaal lezen we: “Het is niet goed dat de mens alleen blijft.” (Gn 2,18) Een mens wordt pas echt mens als hij niet alleen is. Tegen het steeds sterker wordende individualisme in pleit de Kerk voor gemeenschap.

Wij zijn geschapen naar Gods beeld en gelijkenis. Wij lijken op God die liefde is. Wij lijken op de heilige Drie-eenheid: de drie-ene God die gemeenschap in zichzelf is. Wij kunnen niet bestaan zonder gemeenschap. Wij zijn deel van de gemeenschap, maar de gemeenschap is ook deel van ons. De gemeenschap en de relatie met andere mensen is een wezenlijk deel van ons bestaan. De gemeenschap zit in ons.

Het is niet zo eenvoudig om gemeenschap te vormen. Wij mensen zijn allemaal verschillend van elkaar. Alles wat anders is dan wij, maakt ons achterdochtig. Wij zijn van nature een beetje bang voor alles wat vreemd is. Die angst moeten wij overwinnen. Het anders-zijn van onze medemens is geen bedreiging, maar juist een verrijking. Doordat de ander anders is, heeft hij ons wat te vertellen. Door de ander krijgen wij een beter zicht op de waarheid. Dit hebben de eerste christenen ook moeten ontdekken. Zij wantrouwden Paulus en dat was niet zonder rede. Voor zijn bekering had hij – als Saulus – de christenen vervolgd. Hij was erbij toen Stefanus als eerste martelaar gestenigd werd. Zou deze rabiate christenhater nu plotseling bekeerd zijn? Gelukkig was daar Barnabas die Paulus wel geloofde. Deze vreemdeling Paulus heeft een enorme bijdrage geleverd aan de verbreiding van het christendom. Tot op de dag van vandaag lezen wij zijn brieven.

Een ander helpt ons niet alleen de waarheid te leren kennen, hij stelt ons ook in staat tot liefhebben. Een mens in eenzaamheid kan niet liefhebben en heeft ook geen andere mens die van hem houdt. Zonder liefde kan een mens niet leven. In eenzaamheid wordt hij doodongelukkig. Johannes wijst er in zijn brief op dat liefde concrete daden vraagt. Het zijn niet onze mooie woorden maar de daden van liefde die de gemeenschap opbouwen. Het is de Geest van God, de Geest van liefde die in ons woont. De heilige Geest brengt ons tot daden van liefde. Zo bouwt Hij aan de gemeenschap.

Jezus zegt ons dat liefde niet een zoetsappig sprookje is. Liefde vraagt ook om waarheid. Zonder waarheid verwordt liefde tot sentimentaliteit. Liefde in waarheid maakt ons verantwoordelijk voor elkaar. Wij zijn medeverantwoordelijk voor wat de ander doet. Binnen de gemeenschap hebben wij de verantwoordelijkheid elkaar op het goede spoor te houden. Inderdaad als je vriendje in een sloot springt, is dat geen reden om het ook te doen. Daar had mijn moeder gelijk in. Maar bovendien heb ik de verantwoordelijkheid om tegen mijn vriendje te zeggen, dat in een sloot springen niet goed is en dat hij dat beter niet meer doet.

Zo zijn wij medeverantwoordelijk voor elkaar. Niemand van ons wil dat iemand anders uit onze gemeenschap, weggezuiverd moet worden omdat hij geen vrucht draagt. Door onze verbondenheid met elkaar willen wij het lijden van de ander niet. En wij willen ook niet deze verbondenheid verbroken wordt. Een gemeenschap in Christus maakt ieder op zijn geheel eigen wijze medeverantwoordelijk voor het geheel. Dat is de enige manier waarop wij zelf goed en gelukkig kunnen zijn. Ons geluk staat niet los van het geluk van de gemeenschap als geheel.

In deze tijd – op weg naar Pinksteren – bidden wij om de heilige Geest, de Geest van liefde en gemeenschap. Wij vragen dat Hij onze harten doet branden van liefde voor elkaar, dat Hij ons opbouwt tot een hechte en sterke gemeenschap. Amen.

Advertenties

From → Preken

Geef een reactie

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s