Skip to content

Thuis in de Kosmos

Auteur: Taede A. Smedes
Titel: Thuis in de Kosmos:
Het Epos van Evolutie en de vraag naar de zin van ons bestaan
Uitgever: AUP, 2017
Prijs: € 12,50
ISBN: 978 94 6298 708 1
Aantal pagina’s: 100

Tussen het letterlijk nemen van het scheppingsverhaal en een puur nihilistische atheïstische visie bestaat een breed scala aan visies op het bestaan van het heelal en van de mens in het bijzonder. Godsdienstfilosoof Taede Smedes brengt deze in kaart en tracht ze met elkaar te verbinden.

Na het beschrijven van de vraagstelling, beschrijft Smedes in vogelvlucht het ontstaan van het heelal en het ontstaan van het leven en van de mens, de kosmische en de biologische evolutie. Het epos van de evolutie maakt duidelijk dat alle leven een gemeenschappelijk begin kent en alle leven dus met elkaar verwant is. Hij houdt een pleidooi voor de bijzonderheid van de mens en voor de menselijke waardigheid. Ook al zijn we niet het centrum van de wereld, we “zijn kosmopolieten, thuis in de kosmos.” Als we ons samen, gelovend in God of niet, willen inzetten voor het behoud van de schepping is dit boekje van Smedes, die zichzelf posttheïstisch noemt, een goede basis om elkaar te leren verstaan.

Advertenties

Nieuw Verbond; Gn 1,1-2,2; Ex 14,15-15,1; Js 55,1-11; Rom 6,3-11; Mc 15,1-8

Wat doe je als er iets groots in je leven gebeurt? Wat doe je als dat ook nog iets onvoorstelbaars is? Je gaat op zoek naar een verklaring. Waarom hebben we dit niet zien aankomen? Je gaat op zoek naar voortekenen. Elk jaar met Pasen staan we stil bij het totaal onverwachte, het onvoorstelbare dat ons mensen is overkomen. Een van ons is uit de doden opgestaan. Hij is verrezen. God heeft Hem weer tot leven gewekt. Zoiets kan niet zonder betekenis zijn en dus gaan we op zoek. We lezen de oude verhalen over de geschiedenis van God met de mensen. Hoe is het allemaal begonnen? Hoe had God de wereld bedoeld? Hoe is Hij door de eeuwen heen met de mensen omgegaan?

We lazen over de schepping van de wereld. We lazen Hoe God het volk van Israël wegvoerde uit Egypte. We lazen hoe Jesaja schrijft over een blijvend verbond. We lazen hoe de vrouwen het graf van Jezus bezoeken, hoe zij zien dat het graf leeg is en zichzelf geen raad meer weten. En we lazen hoe Paulus uitlegt dat de verrijzenis van Christus ook voor ons nieuw leven betekent. Als we al die verhalen lezen – het zijn er nog veel meer dan we vanavond gehoord hebben – wordt duidelijk hoe God telkens weer een relatie aangaat met de mensen. Hij sloot een verbond met Adam, met Noach, met Abraham. Hij sloot een verbond met het volk van Israël en in Jezus Christus sluit Hij een verbond met de gehele mensheid.

God heeft de mensen lief en Hij wil dat wij Hem liefhebben. Het gaat niet over zomaar een overeenkomst. Het is niet zomaar een relatie. Het is een verbond van liefde, een verbond van liefde zoals man en vrouw met elkaar in het huwelijk aangaan, een verbond waarbij je jezelf geheel aan elkaar geeft en waarbij je er altijd voor elkaar bent. Zo is ook het verbond dat Jezus Christus aangaat met ons. Hij is de bruidegom. Wij zijn als Kerk zijn bruid. Dit is het verbond van liefde tussen God en de mensen dat straks weer bij de instellingswoorden in het Tafelgebed wordt genoemd: het nieuwe eeuwigdurende verbond.

Het is het verbond waaraan wij deel krijgen bij onze Doop en dat telkens weer bevestigd wordt in de sacramenten. Straks zullen wij onze Doopbeloften hernieuwen. Hiervoor heeft Christus geleefd, hiervoor heeft Hij geleden en hiervoor is Hij gestorven. Dit verbond is door zijn Vader bekrachtigd toen Hij Jezus, die onze leider en voorman is, deed opstaan uit de dood en weer tot leven bracht.

De essentie van Pasen is de eeuwigdurende liefde tussen God en mensen, een liefde die wij mogen laten weerspiegelen in de liefde voor elkaar, een liefde die sterker is dan de dood. Ik wens u allen een zalig Pasen. Amen.

God is een vluchteling

Auteur: David Dessin
Titel: God is een vluchteling:
De terugkeer van het christendom in de Lage Landen
Uitgever: Polis, 2017
Prijs: € 19,95
ISBN: 978 94 6310 110 3
Aantal pagina’s: 210

Een eeuw geleden leefden de meeste christenen in Europa. Nu woont driekwart van hen erbuiten. “Het christendom is vandaag niet langer een voornamelijk Europees verhaal.” Ook in onze directe omgeving is dit merkbaar. Ruim de helft van alle migranten in de Europese Unie is christen. Zij brengen het christendom terug naar Europa. David Dessin is op zoek naar hen. Wat zijn hun achtergronden? Welke rol speelt het geloof in hun leven? Hoe denken zij over het Europese christendom? Hoe gaan zij onze toekomst bepalen?

De filosoof Dessin beschrijft de ontwikkelingen van het christendom in Afrika en in het nabije en verre Oosten. Vaak is dit een zeer lange geschiedenis van vervolging en onderdrukking. Hij spreekt ook vele christenen afkomstig uit deze delen van de wereld die nu in België wonen. Het resultaat is een fascinerend en vlot geschreven boek dat veel stof tot nadenken geeft.

Als de graankorrel sterft… Heb 5,7-9; Joh 12,20-33

“Als de graankorrel niet in de aarde valt blijft hij alleen.” Met een graankorrel die je op tafel laat liggen, gebeurt helemaal niets. Graankorrels en andere zaden van planten kun je in een droge omgeving prima bewaren. Pas als je een graankorrel in grond stopt gebeurt er iets. Dan gaat hij ontkiemen. Doordat hij in de aarde sterft, ontstaat er nieuw leven en brengt hij vrucht voort.

Jezus gebruikt het beeld van de graankorrel als beeld voor zijn eigen leven. Gods Zoon heeft zijn goddelijke heerlijkheid losgelaten. Hij is mens geworden zoals wij. Hij heeft het gehele menselijke bestaan met ons willen delen: al onze vreugde en al ons verdriet, ons leven, ons lijden en onze dood. Christus heeft zich geschikt naar de wetten van het aardse leven. Hij aanvaardt ze en is er gehoorzaam aan. Voor Hem moeten er geen uitzonderingen gemaakt worden. Door in vrijheid dit bestaan te aanvaarden, breekt Hij het open. Door het lijden en sterven op zich te nemen, opent Hij de weg ten leven. Dit is het uur van zijn verheerlijking: de graankorrel sterft in de aarde en brengt veel vrucht voort. Zijn lijden en sterven aan het kruis is het begin van zijn verheerlijking die uitmondt in zijn opstanding uit de doden. Zijn verheerlijking is uiteindelijk ook onze verheerlijking. Christus is onze leider en voorman. Hij trekt allen tot zich. Zoals Hij uit de doden is opgestaan, zullen ook wij eens weer opstaan en leven.

Ook voor ons geldt dat wij om te kunnen leven niet alleen moeten zijn. Ons leven komt voort uit liefde. Uit liefde is ons het leven gegeven. Maar het gaat nog verder: ons leven is liefde. De liefde is de bron en ook de essentie van ons leven. Alleen in relatie en verbondenheid met anderen komen we werkelijk tot leven. Als onderdeel van een gemeenschap kunnen wij ons ontplooien. Door ons leven dienstbaar te maken aan anderen gaan wij ontkiemen en brengt ons leven veel vrucht voort.

“Wie zijn leven bemint verliest het; maar wie zijn leven in deze wereld haat zal het ten eeuwigen leven bewaren.” Wie alle aardse mogelijkheden voor zichzelf opeist wordt niet gelukkig. Wij worden alleen dan gelukkig als wij in staat zijn de vruchten van de aarde eerlijk te delen zowel met onze medemensen hier en nu, als met onze medemensen overal ter wereld en van de nog komende generaties. In het delen van onze welvaart leren ook wij gehoorzaamheid. We leren te luisteren naar de mensen in nood. Wij horen hun stem en geven daar gehoor aan. Wij zijn gehoorzaam door de waardigheid van iedere mens te erkennen en door iedere mens recht te willen doen.

Vandaag zal de collecte volledig ten goede komen van de PCI, de parochiële caritasinstelling. Het is hun opdracht binnen de parochie om heel concreet aandacht te besteden aan de noden in onze directe omgeving en deze met financiële ondersteuning te lenigen. Het is de opdracht van de Kerk mensen in nood bij te staan. Deze opdracht is er voor ieder van ons afzonderlijk, maar ook voor ons als gemeenschap. Veel zaken kunnen we beter gezamenlijk dan afzonderlijk aanpakken. Het is de taak van de PCI om de gezamenlijke aanpak te organiseren. De PCI geeft namens de parochie uitvoering aan daden van liefde, aan werken van barmhartigheid. Zij doet dit door individuele financiële ondersteuning. Om dit te kunnen doen heeft zij ons aller hulp nodig. Straks is er de collecte voor het werk van de PCI. Wij allen worden geroepen om dit werk te steunen en mogelijk te maken. Dus wordt de collecte van harte bij u aanbevolen.

Naast de werken van barmhartigheid is er nog een andere wijze om de situatie in onze directe omgeving positief te beïnvloeden. Komende woensdag zijn de gemeenteraadsverkiezingen. Ook hier ligt er voor ons een verantwoordelijkheid. Veel partijen roepen u op om vooral voor uw eigen belang te kiezen en zo te stemmen dat u er zelf beter van wordt. Maar ook hier gelden de woorden van Jezus in het Evangelie van vandaag. “Wie zijn leven bemint verliest het.” Wie vooral voor zichzelf opkomt wordt niet gelukkig. Dus stem op een partij die opkomt voor het algemeen belang, een partij die het geluk van alle mensen voor ogen heeft in plaats van alleen het belang van een bepaalde groep. Iedere mens heeft het recht om zich te ontwikkelen en te ontplooien tot een goed mens. Iedere mens heeft recht op een leven in liefde. Op een christelijke wijze stemmen is stemmen voor het algemeen belang en voor de menselijke waardigheid. Ik wens u woensdag veel wijsheid toe. Amen.

Gehangen heiligen

Auteur: Ton Peters ofm (red.)
Titel: Gehangen heiligen:
De martelaren van Gorcum
Uitgever: Berne Media, 2017
Prijs: € 19,95
ISBN: 978 90 8972 159 4
Aantal pagina’s: 152

De martelaren van Gorcum zijn in 1572 opgehangen omwille van hun trouw aan het geloof. Ze zijn ook het slachtoffer van de onvrede met de positie en rol van de Kerk in die tijd. Dit boek geeft een beeld van de toenmalige economische, sociale, politieke en religieuze ontwikkelingen. Vervolgens worden de levens en karakters van tien martelaren beschreven. Zij krijgen hiermee een gezicht dat in onze tijd herkenbaar is. Zo kunnen zij ook voor ons inspirerende voorbeelden zijn. Tenslotte wordt het proces van de zalig- en heiligverklaring beschreven. Zo wordt duidelijk welke rol de martelaren in de latere geschiedenis hebben gespeeld en hoe de devotie rond de martelaren zich in de loop van de tijd ontwikkelde.

Het fraai uitgegeven en rijk geïllustreerde boek biedt een eigentijds beeld van de negentien martelaren van Gorcum. Deze actualisering maakt het mogelijk 150 jaar na de heiligverklaring de herinnering aan deze heilige mannen levend te houdend.

Grenzeloze liefde; 1 Kor 1,22-25; Joh 2,13-25

Bij het optreden van Jezus herinneren de leerlingen zich de tekst: “de ijver voor Uw huis zal mij verteren”. Die opmerking staat er wat plompverloren. Zo maar een losse gedachte te midden van het verhaal over wat er allemaal gebeurt. Maar meer dan met het vertellen van de feiten geeft Johannes met deze opmerking aan welke indruk dit gebeuren op de leerlingen heeft gemaakt. Het verhaal over de reiniging van de tempel staat bij Johannes aan het begin van het Evangelie. De leerlingen hebben Jezus nog maar pas leren kennen en dan maken ze dit mee. Ze zijn diep onder de indruk van de ijver, de passie, de inzet van Jezus. Hoe enorm groot is zijn liefde voor God en voor de zaken van God.

Hier gaat het om de tempel in Jeruzalem, maar het huis van God, het huis van de Vader omvat zoveel meer. Zonder moeite gebruikt Jezus het woord tempel ook om zijn eigen lichaam aan te duiden. Het huis van de Vader dat is ook ons lichaam en dat is ook onze aarde. Het huis van de Vader omvat de hele schepping. Met dit verhaal wordt ons de vraag gesteld: hoe gaan wij hiermee om? Verkopen wij ons lichaam en onze aarde voor geld of zien we dit huis van de Vader als een kostbaar geschenk dat ons uit liefde is gegeven? Voor Jezus is het volstrekt duidelijk: Hij leeft vanuit de liefde, de liefde voor God, de liefde voor de medemens en de liefde voor de schepping. Alles is ondergeschikt aan die liefde, zelfs zijn eigen leven. Zonder die liefde kan Hij niet leven. Die liefde is groter dan het leven zelf. Het is een liefde die over de grenzen van de dood heen gaat.

Hoe groot liefde kan zijn ervaren wij als ons een geliefde ontvalt. Wij ervaren dat de liefde die er tussen ons en de overledene bestond, niet ophoudt maar gewoon blijft bestaan. De liefde die ons met elkaar verbond, blijft ons ook na de dood met elkaar verbinden. Net als het kruis voor de heidenen is dit voor ongelovigen, voor atheïsten een dwaasheid, maar laat ons daardoor niet van de wijs brengen. Als wij ervaren dat de banden van de liefde niet verbroken worden, is dat een reële ervaring. Het is een ervaring die we met heel veel mensen mogen delen.

Wij zijn op weg naar Pasen. Meer dan anders volgen wij Jezus in deze tijd op zijn weg van de liefde, op zijn weg ten leven. We volgen Hem tot het einde toe. Zijn weg van liefde, zijn weg ten leven eindigt met de dood aan het kruis. Rationeel gezien is dit inderdaad een dwaasheid. Geloven is ook kunnen omgaan met paradoxen, kunnen omgaan met wat op eerste gezicht tegenstrijdigheden zijn: een weg ten leven die eindigt met de dood en een liefde die over de grenzen van de dood heen blijft bestaan.

Het huis van de Vader is meer dan alleen de zichtbare wereld. Er is meer tussen hemel en aarde dan meetinstrumenten kunnen waarnemen. Het huis van de Vader omvat ook wat wij de hemel noemen. Elders zegt Jezus doelend op de hemel: “In het huis van mijn Vader is ruimte voor velen.” (Joh 14,2) Wij allen zijn welkom op deze plaats waarvan wij geen idee hebben hoe het er zal zijn. Een ding weten we wel: het is een huis van liefde. De liefde van de Vader voor zijn Zoon is zo groot dat God Jezus na zijn dood weer tot leven heeft gewekt. Met Pasen vieren we zijn verrijzenis.

In Jezus is Gods Zoon mens geworden. Hij is geworden zoals wij. Hij heeft ons leven gedeeld. Hij is één van ons. Hij heeft zich innig met ons mensen verbonden. Hij geeft de liefde van zijn Vader door aan ons. Hij is onze leider, onze voorman. Vertrouwend op Gods liefde voor Jezus mogen wij leven in de verwachting dat wij Jezus mogen volgen, dat wij net zoals Hij worden opgenomen in het huis van de Vader, dat wij zo in liefde met elkaar verbonden blijven en uiteindelijk mogen opstaan op de laatste dag. Amen.

Bekeert u; 1 Pe 3,18-22; Mc 1,12-15

“Bekeert u en gelooft in de Blijde Boodschap.” Dit zijn de eerste woorden die Marcus uit de mond van Jezus optekent. Marcus valt meteen met de deur in huis en dringt snel door tot de kern van wat Jezus te vertellen heeft. Jezus roept op tot bekering en tot geloof, tot geloof in het gelukbrengende verhaal van God en van zijn liefde voor de mensen. Hij roept ons op de doodlopende weg van het kwaad te verlaten. Hij roept ons op om zijn weg ten leven te gaan.

Bekering is kiezen voor het goede en afstand nemen van het kwaad, niet meelopen op de weg van het kwaad, maar dat is gemakkelijker gezegd dan gedaan. Het kwaad is overal om ons heen en ook wijzelf zijn niet vrij van het kwaad. Het kwaad in onszelf proberen we te beteugelen. Dat kan een flinke strijd zijn. Hoe groot zijn de verleidingen niet? Hoe vaak worden we niet op de proef gesteld door de omstandigheden die deel uit maken van ons leven? Ook Jezus heeft op deze manier met het kwaad te maken. Vandaag lezen we: “Veertig dagen bracht Hij in de woestijn door, terwijl Hij door de satan op de proef werd gesteld.” Marcus beschrijft het heel kort. Elders wordt uitvoeriger over de beproevingen geschreven.

Daarnaast is er ook het kwaad dat ons overkomt zonder dat we eraan kunnen ontkomen. Natuurrampen, ziekte en dood, we kunnen ertegen strijden maar uiteindelijk komen ze op onze weg. Hoe vaak stellen we dan niet de vraag: waarom dit kwaad en waarom ik? Altijd weer zoeken we verklaringen. Er moet toch een oorzaak zijn. Er moet toch een schuldige zijn. Ook in de Bijbel, in de boeken van het Oude Testament wordt het kwaad vaak als een straf gezien. Het kwaad als straf voor een zondig leven.

Maar er is ook een ander geluid zoals in het boek Job. Job krijgt geen antwoord op zijn vraag waarom ook een goed mens door het kwaad wordt getroffen. Hij leert er mee te leven. Het kwaad maakt nu eenmaal een wezenlijk deel van ons bestaan uit en waarom zou het mij niet treffen? We komen er niet uit als we alleen maar denken in termen van oorzaak en gevolg. Beter is het bezig te zijn met de vraag: “Hoe om te gaan met het kwaad?” Wat doen wij als wijzelf of anderen door het kwaad worden getroffen? Ook hierin wijst Jezus ons de weg. Ook Hij kon – hoewel Hij zonder schuld was – het kwaad niet ontlopen. Zijn Blijde Boodschap moest Hij met de dood bekopen. Hij is er niet voor weggelopen. Hij heeft het kwaad onder ogen gezien. Uit vrije wil heeft Hij al het kwaad van de wereld op zich genomen. Met zijn lijden en sterven heeft Hij het kwaad ondergaan. Zo wijst Hij ons de weg ten leven. Zo laat Hij ons zien hoe wij werkelijk vrij kunnen zijn. Zo heeft Hij zijn verlossende en bevrijdende werk gedaan zoals Petrus in zijn eerste brief beschrijft.

Het mysterie van het kwaad lossen we niet op. De vraag aan ons is: hoe gaan wij om met het kwaad? De Veertigdagentijd is een geschikte tijd om over deze vraag na te denken. Op Aswoensdag werden ons drie wegen aangereikt: het gebed, het vasten en de aalmoes.

Dit jaar is door onze bisschop uitgeroepen tot een Jaar van Gebed. Het gebed stelt ons in staat ons te bezinnen op onze wijze van leven: zijn we wel goed bezig, zitten we op de goede weg of moeten we omkeren, moeten we ons bekeren? Het gebed helpt ons om onze relatie met God en met Jezus te verdiepen. Het gebed helpt ons een weg met Jezus te gaan en onze Doop waar te maken. Petrus schrijft dat de Doop tot de verbintenis met God leidt en een goed geweten geeft. Het gebed brengt ons tot bekering en zet ons op de weg van de spiritualiteit, de weg van een begeesterd leven, een leven met Jezus Christus.

Om ons open te kunnen stellen voor God en voor de medemens is het nodig dat wij niet teveel op onszelf gericht zijn, dat we sober zijn in het bevredigen van onze eigen behoeften. De soberheid krijgt bij uitstek vorm in het vasten. Soberheid maakt vrij. Zij maakt ons vrij van onze driften.

Tenslotte is er de solidariteit die vorm krijgt in de aalmoes. Ons open stellen voor onze medemens maakt ons gevoelig voor zijn situatie. Zo ontwikkelen wij ook een gevoeligheid voor de noden van onze naasten. Hierdoor willen wij bijdragen aan het lenigen van hun nood, aan het wegnemen van de gevolgen van het kwaad.

Dit jaar wordt onze aandacht gevraagd voor een project in Kitale in Kenia. Jacintha van Luijk uit Leidschendam werkt daar samen met anderen aan de verzorging van aidspatiënten. Dat werk is nu uitgebreid met een voorlichtingscampagne. Door gedragsverandering moet de kans op besmetting worden voorkomen. De vraag naar de oorzaak van de besmetting, de oorzaak van het kwaad leidt vaak tot ruzies tussen verschillende families en verschillende stammen. Haar aanvullende programma is ook gericht op het beslechten van deze ruzies. Naast dit vredeswerk wordt er gewerkt aan het opbouwen van de gemeenschap en het voorkomen van verslaving aan alcohol en drugs. Op deze wijze zijn honderden vrijwilligers actief om te voorkomen dat het kwaad zich kan uitbreiden, en om de gevolgen van het kwaad te verminderen.

Spiritualiteit, soberheid en solidariteit, gebed, vasten en aalmoes: ze helpen ons om met het kwaad om te gaan; ze helpen ons de weg met Christus, de weg ten leven te gaan. Amen.